De profeten (koran/bijbel)

De Joodse profeten (nebi’im) zijn mensen (mannen en vrouwen) die door Gods geest worden vervuld en dan beginnen te ‘profeteren’. In een vroeg stadium is dit voor extatisch, maar later worden deze ‘mannen Gods’ toch vooral krachtige ‘boodschappers’ die aan allen, inclusief de koningen vertellen waar het op staat. Soms zijn hun woorden opgeschreven en verzameld in boeken, soms zijn er verhalen overgeleverd. Soms beide. Mozes is de eerste profeet. Elia één van de bekendste (1 Samuël) en van de profetenboeken zijn Jesaja, Jeremia en Ezechiël de bekendste. Er zijn echter ook nog talloze ‘kleine profeten’ (met geschriften). Mozes ontvangt overigens van God geen boek, maar de twee stenen tafelen (kleitabletten) waarop ook niet de hele Torah (dat zijn de eerste vijf bijbelboeken), maar enkel de 10 geboden staan. (1 A4-tje). Jezus ontvangt ook geen boek. Er zijn vier boeken waarin de ‘Goede boodschap’ (Grieks= evangelie) van en over Jezus is vervat. Het boek der Psalmen (‘Zabboer’ in de koran) bevat geen profetieën, maar 150 liederen en gebeden. Tenslotte de ‘Geschriften’ van Adam, Henoch en Seth en Abraheam hebben geen parallel in de bijbelse teksten.

Een tabel met de profeten uit de koran (en hun bijbelse equivalent) vindt u hier